Burgemeester Van de Mortel heeft een oproep aan de Nederlandse regering gedaan om het leed te erkennen dat de Molukkers is aangedaan na hun komst naar Nederland. Hij deed dat samen met tien andere burgemeesters van gemeenten met een grote Molukse gemeenschap.
Afgelopen zondag was het precies zeventig jaar geleden dat de eerste groep Molukse KNIL-militairen in Nederland arriveerde. Het plan was dat ze hier tijdelijk zouden blijven, totdat ze naar hun eigen republiek (
RMS ) konden terugkeren, maar dit is uiteindelijk nooit gebeurd. De militairen werden met hun gezinnen in kampen gestopt die eerder door de Duitse bezetter werden gebruikt, zoals het voormalige concentratiekamp Vught. Ze woonden in barakken, mochten de kampen niet verlaten en werden ontslagen uit militaire dienst. Omdat het de bedoeling was dat ze maar tijdelijk in Nederland zouden blijven, werden ze ook bewust buiten de Nederlandse samenleving gehouden.
Onrecht erkennen
De burgemeesters roepen de regering nu op om te erkennen dat de Molukkers onrecht is aangedaan. Van de Mortel: “We hebben het toen als Nederland niet goed gedaan en hadden dat nooit zo moeten doen. Dat moet uitgesproken worden. Na zeventig jaar voel je nog steeds dat het als een deken over de Molukse gemeenschap heen ligt. Tweede en ook derde generaties dragen (soms onbewust) nog steeds dat onrecht uit het verleden mee. De KNIL-militairen waren loyaal aan Nederland en dan moet je ook loyaal naar hen toe zijn."
Toekomst
"Voor sommigen hoeft die erkenning niet meer, maar anderen zijn nog steeds boos. Nieuwe generaties willen wel vooruit, maar er hangt nog iets uit het verleden. Dat moet opgeruimd worden en een plek krijgen. We moeten erkennen dat het niet goed is geweest en schouder aan schouder naar de toekomst gaan. We willen ook dat er geïnvesteerd wordt in versterking en ondersteuning op sociaal en economisch gebied én in de rijkdom van de Molukse cultuur. Die moet bewaard en gekoesterd worden.”
Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan.